Categorie archief: Sport

Is handbal écht een wereldwijde sport?

De internationale handbal federatie timmert hard aan de weg. Sinds 2000 heeft de federatie 63 nationale bonden als nieuw lid mogen verwelkomen; dit jaar sloten Jamaica, Fiji en Oost-Timor bij de handbalfamilie aan. Onderzoek doet echter vermoeden dat niet in al deze landen handbal een sport is. Ik schreef erover op SportknowhowXL.

De WK handbal zijn in volle gang. Eerder in het toernooi maakten de Nederlandse vrouwen korte metten met de ‘handbaldwergen’ China en Kameroen. Het laat zien dat het internationale handbal nog steeds gedomineerd wordt door een beperkt aantal ‘grote’ landen, ondanks de mondialisering die de internationale handbal federatie IHF sinds het begin van deze eeuw tentoonspreidt. Want maar liefst 63 nieuwe landen sloten zich sinds 2000 bij de IHF aan. De teller staat inmiddels op 207 leden.

Maar volgens de Deense onderzoeksjournalist Jeppe Laursen Brock bestaan er gerede twijfels of in alle 207 landen wel gehandbald wordt. Samen met zijn collega’s van de Deense krant Politiken dook Laursen Brock twee jaar geleden in de aanloop van het WK handbal in zijn geboorteland in de cijfers. Wat bleek? Slechts 84 landen waren te vinden op de internationale ranglijst en 113 federaties hadden geen functionerende website of een profiel op Facebook. Van 102 federaties was het gissen of ze wel een nationale competitie of toernooi hadden en van 76 federaties was het onduidelijk of ze een bondsbureau of iets soortgelijks hadden vanwege het ontbreken van een adres.

Lees verder op SportknowhowXL

 

2017: een bijzonder jaar voor Rob Barel

Twee maal wereldkampioen en opgenomen in de Hall of Fame. Triatleet Rob Barel heeft alle reden om 2017 een geslaagd jaar te noemen. Uitgebreid terugblikken op zijn successen doet hij amper (“je wordt minder nostalgisch als je ouder wordt”) maar voor de Utrechtse Sportkrant maakt Barel graag een uitzondering.

Vanuit zijn keukenraam ziet Rob Barel dat de mist over de weilanden aan de rand van Overberg bijna is opgetrokken. Terwijl de winterochtend loom op gang komt heeft Barel er al een zwemtraining van vier kilometer op zitten. 160 baantjes in zwembad ‘De Vallei’ in Veenendaal dus, maar Barel heeft ze niet hoeven te tellen. “Ik volg een programmaatje dat ik heb opgesteld. Met veel variatie erin: verschillende slagen, af en toe een stukje interval om het uitdagend te houden.”

Barel neemt een slok van de vers gezette koffie. Hij is aan de bruine keukentafel gaan zitten, erop staat een trofee in de vorm van een miniaturen mountainbiker. Gewonnen in Oman, waar hij ooit nog anderhalf jaar bondscoach was. Aan de muur hangen tientallen medailles; op een bijzettafeltje herinnert een grote blauwe-witte vaas aan een gewonnen Europees kampioenschap in het Duitse Immenstadt in 1985. Het is maar een deel van de complete collectie die de net 60-jarige triatleet in zijn lange carrière vergaard heeft. “Ik kan het niet allemaal kwijt, heb ook al wat weggegooid”, bekent Barel. Hij is er de persoon niet naar om uitgebreid stil te staan bij zijn successen. “Je wordt minder nostalgisch als je ouder wordt”, is zijn verklaring.

Lees verder in de Utrechtse Sportkrant

Traint de jeugd niet te veel?

Waar kinderen vroeger gewoonlijk één keer per week trainden bij de sportclub waar ze lid van waren, ligt de norm tegenwoordig op twee of zelfs drie keer in de week. Een gezonde ontwikkeling? De meningen zijn verdeeld. Ik schreef erover in de Stichtse Courant.  

Team 2 van FC Driebergen Jongens onder 8 kreeg het laatst zwaar voor de kiezen. Op Sportpark Voordorp in Utrecht werd het team volledig van de mat getikt door de Jongens onder 8 van Hercules. Na afloop rende de 6-jarige Max Reurink van FC Driebergen dan ook bedremmeld naar zijn vader toe. Die troostte hem en zei: “Geeft niks Max. Ik hoor net dat de jongens van Hercules drie keer in de week trainen, dan is het niet zo gek dat ze beter zijn.” Vol ongeloof schudde hij zijn hoofd toen hij het zijn zoon vertelde.

Met nog meer ongeloof werd oud-hockeyinternational Rob Reckers geconfronteerd toen een ‘meisje van een paar turven hoog’ hem vertelde dat ze ‘al vijf keer in de week trainde en dus ook in het Nederlands elftal zou komen’. Reckers schreef over het incident een column op hockey.nl met de veelzeggende titel: ‘Kids die vijf keer trainen. Doe ff normaal.’ Volgens Reckers verliezen sommige hockeyclubs momenteel alle redelijkheid uit het oog. Zijn suggestie: ‘Laat kinderen gewoon twee keer per week trainen. En als ze vaker willen, kunnen ze lekker in het park of op de stoep een balletje slaan. Niet omdat het moet, maar omdat het leuk is.’

Lees verder in de Stichtse Courant

Man/vrouw gelijkheid in de sport?

In Nederland staan vrouwen nog steeds op achterstand in de sport, vooral als het om coachen en besturen gaat. Hoe zit dit eigenlijk bij korfbal, dé gemengde sport bij uitstek? Voor de Stichtse Courant interviewde ik drie dames van Dalto.

De verslaggever is koud binnen of hij wordt al op zijn plaats gezet. “Wat ik écht raar vind is dat men in de media Mariska Veldheer nog altijd als de assistent van Adriaan van Dijk bij Dalto 1 neerzet. Hoewel Adriaan formeel de eindverantwoordelijkheid draagt, zijn Mariska en hij écht gelijkwaardig.” Aan het woord is Dalto-bestuurslid Marion Bosga. Ook korfbalinternational Barbara Brouwer en Technische Commissie lid Marijke Schaafsma zijn aangeschoven in het restaurant van Health Center Hoenderdaal. Naast hen aan de muur staat op het grote tv scherm de Champions League wedstrijd tussen Feyenoord en Lazio op; de dames hebben er geen oog voor.

Lees verder in de Stichtse Courant

Strijd tegen de elementen: Hang-On Run

In het weekend van 25 en 26 november vond in Doorn de vierde Hang-On Run plaats. Voor de Utrechtse Sportkrant interviewde ik organisator Erik de Heer en zijn zoon Jesse, één van de favorieten voor het Nederlands kampioenschap middellange Survivalrun (hij werd uiteindelijk tweede).

Het trainingsterrein van Hang-On heeft het midden van een militair oefenterrein en een uitdagende buitenspeeltuin. Rondom een grote vijver staan een twintigtal houten stellages waar autobanden, netten en ringen aan hangen. Over het water is een wirwar van touwen gespannen. Bij de ingang van het terrein staat het ereschavot al klaar. Of beter nog, het schavot staat er nog steeds, legt Jesse de Heer uit. “We hebben geen plek om hem op te bergen dus hij staat daar nog van vorig jaar.” Mocht de 21-jarige survivalrunner komende zondag op het podium plaats nemen, dan moet het houten plateau nog wél even schoongemaakt worden, zegt hij plagerig tegen zijn vader. Erik de Heer kan er wel om lachen. Want het grote geregel heeft de organisator van de Hang-On Run inmiddels achter de rug. Het podium gereedmaken is één van de laatste kleine klusjes die nog op zijn lijstje staan.

Lees verder in de Utrechtse Sportkrant

Groen sporten

Sporten in de natuur is extra gezond. Aan groen geen gebrek in de Utrechtse Heuvelrug, maar hoe bevorder je sport in de natuur zonder dat die daar onder te lijden heeft? Stichting Green Race denkt het antwoord te hebben. Ik schreef erover in de Stichtse Courant.

Dat bewegen gezond is, is geen verrassing. En dat een wandeling in de natuur goed doet, is dat ook niet. Maar dat de natuur het gezonde effect van sporten ook nog eens kan versterken, dat is een opvatting die sinds kort door wetenschappelijk onderzoek bevestigd wordt. Een uurtje bewegen in het groen levert meer op dan een uurtje in de sportschool, zogezegd. De sporter voelt zich beter en hij kan meer aan: het lijkt minder moeite te kosten om te bewegen in een bos, heideveld of duingebied.

“In het geval van sporten en natuur maakt één plus één drie”, beaamt Doornaar Marco Glastra. Hij is een van de initiatiefnemers van de Stichting Green Race die dit jaar gestalte kreeg. Het doel: meer mensen op een actieve manier van de natuur in de regio laten genieten. Het middel: sportieve evenementen organiseren en ondersteunen. Eerder deze maand was dat de Devil’s Trail waar vanuit het Doornse Gat zo’n duizend hardlopers de bospaden van de Heuvelrug op werden gestuurd. Afgelopen zondag verkenden tijdens de eerste Green Race oriënteringsloop 120 mensen met kaart en kompas de Soester Duinen.

Lees verder Groen sporten

Tennis in de genen?

V.l.n.r. Freek, Tine en Ben van Donselaar

Goed voorbeeld doet goed volgen. Het lijkt in ieder geval vaak te gelden voor de tennissport, waar veel op hoog niveau tennissende broers en zussen te vinden zijn. En waar ouders regelmatig hun tennistalent lijken door te geven aan hun kroost. Voor de Stichtse Courant ging ik in gesprek met twee Driebergse tennisgezinnen.

In het Tenniscenter Heuvelrug in Doorn is de vermeende crisis in het Nederlandse tennis vanmiddag ver weg. Op baan 1 staat een talentje in opperste concentratie haar service te trainen; op de baan ernaast vuurt oud-Davis Cup coach Tjerk Bogtstra in hoog tempo ballen op een van zijn andere pupillen af. De 14-jarige Freek en twee jaar jongere Ben van Donselaar zijn hier al een paar jaar kind aan huis. Freek is nummer 2 van Nederland in zijn leeftijd, Ben bevindt zich in de top 30.

Hun passie voor tennis hebben ze niet van een vreemde: moeder Tine behoorde in haar jeugd ook tot de top van Nederland en bracht later als tennistrainster vele uren op de baan door. Maar dat zij haar jongens heeft aangestoken, vindt ze twijfelachtig. “Hun oudere zussen hebben daar veel meer invloed op gehad. Die speelden fanatiek op Manger Cats waardoor het logisch was dat Freek, en later ook Ben, daar op hun vierde al hun eerste ballen sloegen.”

Lees verder Tennis in de genen?

Survivalgroep Hang-On in actie op WK

Met acht atleten deed survivalgroep Hang-On mee aan het WK obstacle course racing in Canada. Voor een verhaal in de Stichtse Courant blikte ik met coach Erik de Heer terug.  

“Op sommige stukken waren de hellingen zo glad, daar moesten de deelnemers hun vingers als priemen gebruiken om omhoog te komen. Af en toe zag ik een hulpeloze blik bij één van mijn atleten maar ze hebben het allemaal erg goed gedaan.” Met zichtbare trots vertelt Hang-On trainer Erik de Heer over de avonturen van zijn team in Canada. Daar vond voor de tweede keer op rij in het Blue Mountains skiresort in Ontario het wereldkampioenschap OCR (obstacle course racing) plaats. Acht Hang-on leden hadden zich weten te kwalificeren, een recordaantal.

Lees verder in de Stichtse Courant

Tiende keer Hawaii voor Rob Barel

Rob Barel deed 14 oktober voor de tiende keer aan de Iron Man triatlon op Hawaii mee. Hij volbracht hem binnen de 10 uur en werd wereldkampioen in zijn leeftijdsklasse. Ik schreef erover in de Stichtse Courant. 

‘Het is een prachtige omgeving, die tijdens de wedstrijd langzaam verandert van de hemel in de hel. Hawaii is uitdagend, ontzagwekkend en afschrikwekkend.’ Zo karakteriseerde Rob Barel vier jaar geleden in de Volkskrant de ‘Ironman’ triatlon op de Amerikaanse archipel. Geen wonder dus dat Barels laatste Hawaii avontuur van 2003 dateerde. Tot twee weken terug. Toen volbracht de 59-jarige inwoner van Overberg tóch nog een keer de beroemdste triatlon in de wereld. Het was zijn tiende deelname.

Lees verder in de Stichtse Courant

Rennen met blind vertrouwen

Sporten voor het goede doel wint steeds meer aan populariteit in ons land. Zaterdag 7 oktober vond bij Bartiméus in Doorn The Blind Run plaats. Ik rende mee, als ‘blinde’. Voor de Stichtse Courant schreef ik het volgende verhaal.

Zelfs in afwezigheid van Johan Derksen kan Wilfred Genee het vanochtend niet laten om zijn Voetbal Inside collega even te stangen. “Volgend jaar neem ik Derksen mee, dan mag hij de blinddoek om en stuur ik hem op een boom af.” Genee staat op een klein podium in de historische moestuin van het Bartiméus terrein tussen Driebergen en Doorn. De ongeveer 65 duo’s die in afwachting zijn van de start van The Blind Run kunnen er wel om lachen. De sfeer is ontspannen, het is duidelijk dat het hier niet om een wedstrijd of de eerste prijs gaat. Er wordt gelopen voor het goede doel: vandaag is dat voor kinderen die blind of slechtziend zijn.

In navolging van de Verenigde Staten maakt de collectebus in ons land steeds vaker plaats voor een sportief evenement. Door te wandelen, te fietsen, te hardlopen of te zwemmen halen duizenden Nederlanders jaarlijks miljoenen op voor een goed doel. Er gaat geen weekend voorbij of er is ergens in ons land wel een sponsorloop of -fietstocht. Op de dag van The Blind Run vindt bijvoorbeeld ook de 11 strandentocht plaats: lopen tussen Bloemendaal en Hoek van Holland voor de Hartstichting.

Lees verder in de Stichtse Courant

Dopingbestrijding: een verloren zaak?

(Rob Sinclair [CC BY-SA 2.0], via Flickr)
Het blijven verwarrende tijden voor liefhebbers van een schone sport. Terwijl jaarlijks slechts een paar procent van alle atleten wordt betrapt op het gebruik van verboden middelen, geven topsporters zelf aan dat er aanzienlijk meer geslikt en gespoten wordt en blijven de dopingschandalen oppoppen. Werkt het systeem wel?

Bij de opening van het nieuwe academisch jaar nam Prof. Dr. Dr. Perikles Simon een opmerkelijk besluit. Hij, hoofd van de afdeling Sportgeneeskunde op de Johannes Gutenberg universiteit in Mainz, kapte per direct met het dopingonderzoek waar hij het afgelopen decennium zijn sporen in verdiend had. In de ‘Frankfurter Allgemeine’ liet Simon optekenen al langer gefrustreerd te zijn over de halfslachtigheid waarmee doping in de topsport bestreden werd. Maar dat hij nu jarenlang door wereldantidopingagentschap WADA en de wereldatletiekbond IAAF getraineerd was om zijn studie over het dopinggebruik in atleten te publiceren, dat was voor hem de druppel. Hier was voor de wetenschapper Simon duidelijk een grens gepasseerd, de grens om als onafhankelijk onderzoeker zijn werk te kunnen doen.

Want het ging niet zomaar om een onderzoekje. Simon en collega-wetenschappers van Duitse, Engelse en Amerikaanse universiteiten hadden betrouwbare cijfers vergaard over het ware dopinggebruik onder deelnemers aan de wereldkampioenschappen atletiek en aan de Pan-Arabische spelen in 2011. Dat deze studie een belangrijke graadmeter voor de effectiviteit van het huidige antidopingbeleid vormde, vond ook WADA: ze had het onderzoek niet voor niks gesubsidieerd. Ook de kwaliteit van de studie stond buiten kijf. De onderzoekers hadden bij hun inventarisatie  gebruik gemaakt van de ‘Randomized Response’ techniek, een methode die uitermate geschikt was om een eerlijk antwoord op een gevoelige vraag te krijgen, daar was de wetenschap het wel over eens. Geen wonder dus dat toen de studie twee jaar later helemaal uitgewerkt was, de wetenschappers bij het gerenommeerde Science aanklopten. Helaas voor Simon en zijn collega’s liet de redacteur al snel weten dat het onderwerp onvoldoende binnen het kader van zijn tijdschrift paste.

Lees verder op Blendle

Rennen met de duivel

Sander Peters Fotografie

Op zondag 1 oktober liep ik de Devil’s Trail. Deze loop op de Utrechtse Heuvelrug geldt als tegenhanger van de stadse Singelloop en kent vier afstanden: 8 (Drommel Trail), 16 (Lucifer Trail), 26 kilometer (Moenen Trail) en de 36 kilometer met de toepasselijke naam ‘Helse Trail’. Voor de Utrechtse Sportkrant schreef ik mijn ervaringen op.

“Thunder!”, hoor ik me zelf wat ingehouden roepen. Het is zondag 1 oktober, vijf voor half één. Plaats van handeling: recreatieterrein ‘Het Doornse Gat’ tussen Doorn en Leersum. De rust die een bezoeker hier normaal hoopt te vinden is ver weg. In plaats daarvan: AC/DC die uit grote luidsprekers schalt. “I was caught…in the middle of a railroad track…Thunder! I looked round…and I knew there was no turning back…Thunder!”

Ik kijk om me heen. Zo’n 250 mannen (‘van een zekere leeftijd’ zou cabaretier Viggo Waas ze waarschijnlijk omschrijven) staan opeengepakt bij elkaar. Allemaal hebben ze een korte broek aan, het merendeel een rood t-shirt en bijna de helft steunkousen. Bij “Thunderstruck!” steekt een enkeling zijn arm omhoog. Van Halens “Running with the devil” had nóg beter gepast, bedenk ik me. Want we staan hier aan de start van de Devil’s Trail. 16 kilometer lopen door de natuur van de Utrechtse Heuvelrug.

Lees verder in de Utrechtse Sportkrant

Van de gebaande paden af

Cees Keur Fotografie

Komende zondag vormt de natuur van de Utrechtse Heuvelrug het decor voor de vierde Devil’s Trail. Bijna alle afstanden zijn volgeboekt. Wat maakt trailrunning zo aantrekkelijk en wat kunnen de deelnemers zondag verwachten? Voor de Stichtse Courant schreef ik deze vooruitblik. 

Survivalrun, mudrun, colorrun, obstaclerun, skyrun, trailrun: wie van hardlopen houdt, heeft tegenwoordig een ruime keus. “Er is een personalisering van het hardlopen gaande”, vertelt Joost Doelman, eigenaar van organisatiebureau Bweeg! in Amerongen. “Een jongere wil niet zomaar 10 kilometer hardlopen, dat is al gauw te saai. Daar speelt de markt handig op in door allerhande beleving aan een evenement toe te voegen. Voor elke loper wat wils.”

Doelman is organisator van de Devil’s Trail die zondag voor de vierde keer plaatsvindt. Vanaf de start bij het Doornse Gat gaan zo’n duizend deelnemers de fraaie natuur van de Heuvelrug rennend verkennen. Trailrunning dus: lange afstand hardlopen over voornamelijk onverharde paden in een natuurlijke en bij voorkeur heuvelachtige omgeving. Hierin verschilt deze tak van sport van de al langer bekende veldloop die het liefst over vlak terrein en niet verder dan 12 kilometer gaat. Maar het belangrijkste verschil volgens Doelman: een trailrun is géén wedstrijd. “Het is een lekker dagje uit in de natuur. Het klassement is minder relevant.”

Lees verder Van de gebaande paden af

Klaar voor het nieuwe sportseizoen

Ze dromen allemaal van een glorieuze sportcarrière. De een als proftennisster, de ander als deelnemer aan de Olympische Spelen, en een derde als wereldkampioen survivalrun. Hoe gaat het met de vijf sporttalenten uit de Utrechtse Heuvelrug die ik het afgelopen jaar interviewde? Waar staan ze inmiddels en wat zijn hun verwachtingen voor het nieuwe seizoen? Deze ‘tussentijdse evaluatie’ schreef ik in De Stichtse Courant.

Lees verder Klaar voor het nieuwe sportseizoen

Rob Barel: man van ijzer

Wereld-, Europees en Nederlands kampioen: triatleet Rob Barel was het allemaal, vaak zelfs meer dan één keer. Inmiddels bereidt de bijna 60-jarige Overberger zich voor op zijn tiende Ironman op Hawaii. Voor de Stichtse Courant interviewde ik Barel.

‘Ach, als andere mensen hun favoriete schilderij in huis ophangen, waarom zou ik dat dan niet met mijn eerste wielrenfiets doen?’, moet Rob Barel gedacht hebben. Want als deze fiets er niet geweest was, was zijn leven misschien wel heel anders verlopen. Dan werkte hij wellicht nog steeds als bioloog in Wageningen. Deze fiets bracht hem in aanraking met de sport die hem zoveel mooie successen opleverde: de triatlon, die wonderlijke combinatie van zwemmen, wielrennen en hardlopen. Toen hij laatst bij zijn zus in de schuur de fiets half weggestopt zag staan, vroeg Barel of hij deze wéér van haar mocht lenen, net als in 1982 toen hij op 24-jarige leeftijd zich had ingeschreven voor een studentenwedstrijdje rondom de Bosbaan in Amsterdam. Barel was van huis uit een zwemmer die in tegenstelling tot zijn clubgenoten óók de looptrainingen leuk vond. Het wielrennen was hem echter vreemd, hij had niet eens een racefiets. Zijn zus gelukkig wel. Barel bleek talent te hebben: hij won afgetekend, met dank aan de racefiets van zijn zus. Reden genoeg om die fiets (stalen frame van een onbekend merk, versnellingshendeltjes op de onderbuis) nu in de woonkamer van zijn huis in Overberg op te hangen. Gemonteerd aan -hoe toepasselijk- een triatlon opzetstuur, want zo’n mooi kunstwerk hang je natuurlijk niet aan een haakje van de IKEA.

Lees verder in de Stichtse Courant

Waar blijven de vrouwen toch?

Paula Radcliffe, wereldrecordhoudster op de marathon sinds 2003 (By Christian Petersen-Clausen [CC BY-SA 3.0], via Wikimedia Commons)
De magische grens van twee uur op de marathon komt steeds dichter in zicht. Alle pijlen zijn voorlopig gericht op een mannelijke loper die de barrière gaat doorbreken. Dit terwijl in 1992 door Amerikaanse wetenschappers werd voorspeld dat rond de eeuwwisseling vrouwen de mannen zouden hebben ingehaald op deze afstand. Waarom gaat het niet zo snel?

“Vrouwen zullen na 2000 net zo hard gaan lopen als de mannen.” Aldus kopte de NRC op 16 januari 1992. De aanleiding was een gepubliceerde brief van de fysiologen Brian Whipp en Susan Ward van de Universiteit van California in het gezaghebbende wetenschappelijke tijdschrift Nature. De Amerikanen kwamen tot deze conclusie nadat zij de ontwikkeling van ’s werelds beste tijden voor alle loopnummers bij de mannen en de vrouwen eens goed op een rij hadden gezet. Wat bleek: de snelheid van de rapste vrouwen nam dusdanig hard toe in vergelijking met die van de mannen, dat het een kwestie van tijd was tot de vrouwen de mannen voorbij zouden snellen. De marathon was daarbij het eerste aan de beurt: mocht de ontwikkeling van het wereldrecord zich in hetzelfde tempo blijven doorzetten, dan zouden in 1998 de snelste vrouw én de snelste man precies even lang over de 42 kilometer en 195 meter doen. Namelijk 2 uur, 1 minuut en 59 seconden.

Lees verder op Reporters Online

“Eerst mijn linkerschoen, dan pas mijn rechter”

De voetballer die een kruisje slaat voordat hij de penalty neemt. De tennisser die de bal precies zeven keer op de grond stuitert voordat hij serveert. Geloofsuitingen en vaste rituelen zijn alom aanwezig op de sportvelden. Hoe zit dat bij de sporters op de Utrechtse Heuvelrug? Voor de Stichtse Courant vroeg ik het vijf van hen.

Foto: Barbara Brouwer

Barbara Brouwer, korfbal international

“Ik ben christelijk opgevoed maar ben er tegenwoordig niet echt meer mee bezig. Wanneer ik bij mijn opa en oma eet, vind ik het heel normaal dat we voor het eten bidden. Daar heb ik dan ook alle respect voor. Het geloof heeft absoluut geen impact op het uitoefenen van mijn sport. Als iets niet lukt, dan gooi ik er wel eens een vloek uit. Niet netjes, maar in het heetst van de strijd gebeurt het soms. Vroeger spraken mijn ouders me daar op aan, nu ik ouder ben is dat minder.

Rituelen? Ja, ik heb eigenlijk altijd hetzelfde aan tijdens een wedstrijd. Niet alleen het gebruikelijke shirt en rokje, maar ook mijn sokken, ondergoed, schoenen en het elastiekje in mijn haar. Die kan ik aan het eind van het seizoen meestal wel weg doen, ja. Het is gekomen toen ik op een gegeven moment erover nadacht wat ik aanhad toen ik goed speelde. Omdat dat ‘geluk’ bracht, heb ik die kleren vervolgens een heel seizoen aangetrokken.

Bij het omkleden doe ik ook altijd eerst mijn linker-brace, sok en schoen aan en begin daarna pas met mijn rechtervoet. En voor de wedstrijd moet ik ook altijd een banaan gegeten hebben. Of die banaan heilig voor me is? Eh, nee. Soms is er geen banaan maar dan heb ik vaak nog wel een ander fruitstuk dat ik kan eten. Werkt ook prima heb ik gemerkt.”

Lees verder “Eerst mijn linkerschoen, dan pas mijn rechter”

Op extreme hoogten

Mount Everest, K2, Gasherbrum 2. Bergbeklimmer Hans van der Meulen heeft de hoogste toppen van de wereld gezien. Heel trots is de inwoner van Maarsbergen daar niet op. “Ik heb toevallig het goede genenpakket.” Ik interviewde van der Meulen voor de Stichtse Courant.

Een standaard kantoorbaan staat er niet op. Hans van der Meulen heeft een uitgeprint cv op de keukentafel in zijn huis in Maarsbergen neergelegd. Geboren: 1953 in Emmen. Burgerlijke staat: ongehuwd. Na een verblijf van vijftien jaar in de Franse Alpen streek Van der Meulen in 1998 neer op de Utrechtse Heuvelrug. Puur toeval want eigenlijk wilde hij een camping in Overijssel beginnen. In Maarsbergen kon Van der Meulen echter aan de slag bij een pas aangekocht bedrijf in instant voeding voor buitensporters. En daar had de fervent liefhebber van ‘the outdoors’ ook wel wat mee.

Lees verder in de Stichtse Courant

Selectiestress bij jeugdsporters in Driebergen?

Vorig jaar verschenen alarmerende berichten in de landelijke media over de toegenomen selectiestress onder de sportende jeugd en hun ouders. Speelt dit eigenlijk ook bij de sportverenigingen op de Utrechtse Heuvelrug? Voor de Stichtse Courant nam ik het selectiebeleid van FC Driebergen en Shinty onder de loep.

Reuze spannend klinkt het, de uitnodiging die een groep jeugdleden van Shinty een maandje geleden in de mailbox kreeg. “Je meldt je 30 min van te voren in het clubhuis, daar krijg je een rugnummer. Je draagt een wit T-shirt, maar zorg dat je ook een zwart T-shirt bij je hebt. Neem je scheenbeschermers en bitje mee, zonder deze bescherming mag je niet mee doen! Verdere instructies krijg je ter plekke.” Een onwetende lezer zou zomaar kunnen denken dat de Driebergse hockeyclub een enerverende survivaltocht of zinderend nachtspel voor zijn jeugd organiseert. Maar in werkelijkheid gaat het hier om de selectietrainingen.

‘Het dieptepunt van het jaar’, zo noemde directeur amateurvoetbal Jan Dirk van der Zee de trainingen vorig jaar in de Volkskrant. Hij gaf aan zich kapot te ergeren aan voetbalvaders en – moeders die er volgens hem alsmaar massaler van overtuigd zijn dat hun kind ‘de volgende Johan Cruijff of Marco van Basten wordt’ en met minder geen genoegen nemen. Dat terwijl selectietrainingen kinderen onnodig extra druk geven. ‘Je moet als kind sterk in je schoenen staan, wil je met die druk om kunnen gaan’, aldus Van der Zee.

Lees verder in de Stichtse Courant

 

“Deze kinderen moeten meedoen”

Hoe goed sport ook voor de gezondheid mag zijn, de jeugd van tegenwoordig komt maar moeilijk in beweging. Maar hoe is dit voor kinderen voor wie bewegen sowieso al lastiger is omdat ze een beperking of chronische ziekte hebben? Vandaag wordt het eerste rapport over de landelijke prestaties van het beweeg- en zitgedrag van deze groep gelanceerd. Volgens initiatiefnemer Tim Takken zijn er nog veel obstakels.

Johan Cruyff, Esther Vergeer, Foppe de Haan, Bibian Mentel en Dirk Kuijt. Ze zagen het goed toen zij -ieder apart van elkaar- een stichting in het leven riepen om het kinderen met een beperking gemakkelijker te maken om te sporten. Want bewegen is voor deze kinderen een must, zegt Tim Takken, die als inspanningsfysioloog werkzaam is in het Wilhelmina kinderziekenhuis in Utrecht. “Het aantal wetenschappelijke studies is nog beperkt maar ze wijzen allemaal in dezelfde richting: lichamelijke activiteit verbetert ook bij kinderen met een beperking en chronische ziekte de kwaliteit van leven. Het zorgt voor een hogere mate van onafhankelijkheid en een betere gezondheid, niet alleen lichamelijk maar ook sociaal en emotioneel.”

Lees verder op Blendle

 

“Wie heeft dit verzonnen?”

De voorjaarscompetitie tennis is halverwege. Dat het besluit van de tennisbond om een nieuwe telling te introduceren niet bij alle tennissers in goede aarde valt, blijkt uit een rondje langs de tennisbanen op de Heuvelrug. Ik schreef dit artikel voor de Stichtse Courant van 4 mei 2017.

“Compact spelen? Hè, wat is dat dan?” De vier tennissers van de Kleimeppers uit Ochten kijken alsof ze water zien branden wanneer Jean-Paul Fonteijn hen vertelt over de telling die ze vanmiddag gaan hanteren. Fonteijn is captain van een 35+ team van Manger Cats, één van de tennisverenigingen die gekozen heeft om haar thuiswedstrijden compact te spelen. Het is een zonnige zondagmiddag op het park aan de Arnhemse Bovenweg in Driebergen, rond de klok van tweeën. Voordat de tennissers de degens zo gaan kruisen voor hun derde competitiewedstrijd van het seizoen, genieten ze op het terras van appeltaart en koffie.

Lees verder in de Stichtse Courant

 

“Contador kon ik goed gebruiken om het probleem van besmet vlees aan te kaarten.”

Als gevolg van een positieve clenbuterol uitslag moest Alberto Contador zijn Tourzege van 2010 inleveren (By Hyku on Flickr [CC BY-SA 2.0], via Wikimedia Commons)
In plasjes van atleten die in 2008 aan de Olympische Spelen meededen, zijn sporen van clenbuterol gevonden. De atleten gaan vrijuit omdat volgens het Internationaal Olympisch Comité en wereldantidopingagentschap WADA het eten van vervuild vlees de waarschijnlijke oorzaak is. Toen in 2010 de Spaanse Tour de France winnaar Alberto Contador positief op het verboden middel testte, kwam dopingdeskundige Douwe de Boer met eenzelfde uitleg op de proppen maar kreeg de wielrenner alsnog een schorsing aan zijn broek. Hoe kijkt De Boer tegen de kwestie aan?

“Wat het IOC en WADA nu eigenlijk doen, is dat ze een afkapwaarde voor clenbuterol hanteren. Formeel is die er niet, elke molecuul clenbuterol in de urine van een sporter is er officieel namelijk één teveel. Maar informeel lijkt die er wel te zijn, omdat bij lage concentraties voedselvervuiling niet uitgesloten kan worden. In de Contador zaak destijds pleitte ik er al voor dat er een afkapwaarde voor clenbuterol moest komen. Ik kan me dus wel vinden in het besluit om de atleten bij wie nu een lage concentratie  in de urine is gevonden vrijuit te laten gaan, maar erger me wel aan het feit dat de autoriteiten zo inconsequent en selectief acteren. Voor al die atleten die in het verleden met eenzelfde soort uitslag wél gestraft zijn, is dit besluit natuurlijk problematisch. En voor de buitenstaander is het ook niet te begrijpen dat een sporter positief test en niet vervolgd wordt. Logisch dat de ARD hier mee naar buiten komt.”

Lees verder op Blendle

 

“Schrijf maar over de eerste helft”

In april speelde het G-team van FC Driebergen zijn laatste thuiswedstrijd van het seizoen. Tegen naaste concurrent Delta Sports. Namens de Stichtse Courant nam ik een kijkje.

Het ziet er heel officieel uit. Twee teams staan in een lange rij rond de middenlijn van veld 2A. Aan de ene kant acht mannen plus één vrouw van de thuisploeg FC Driebergen, aan de andere kant acht mannen plus één vrouw van de gasten uit Houten. Tussen hen in scheidsrechter Paul Kooiman. Het is nog vroeg, twintig minuten voor negen om precies te zijn. De gezichten van de spelers staan vrolijk. Van wedstrijdspanning is maar weinig te merken. Terwijl het vandaag wel om de tweede plaats op de ranglijst gaat. Daar staat Delta nu, maar alleen vanwege een beter doelsaldo dan Driebergen.

Lees verder in de Stichtse Courant

 

En weer geen Elfstedentocht

Het was in de winter van de laatste Elfstedentocht in 1997 dat Peter van de Pol voor het eerst schaatsen onder bond. Dit jaar eindigde de marathonschaatser als negende bij de alternatieve versie van de tocht in Oostenrijk. Hoe lang kan hij nog wachten op de échte Elfstedentocht? Voor de Stichtse Courant sprak ik Van de Pol hierover.

“Door de harde storm was het Siberisch koud. Zo koud dat het vizier van mijn helm bevroor en ik niks meer zag. Vervolgens bevroren ook de glazen van mijn eigen bril. Gelukkig kon ik nog een andere bril krijgen. Zo kon ik de wedstrijd uitrijden, ik finishte als zesde. Heroïsch was het zeker.” Een vergelijking met ‘de hel van 63’ doet zich voor als Peter van de Pol verhaalt over de barre omstandigheden die hij begin dit jaar op het zeeijs in Zweeds Lapland voor zijn kiezen kreeg. De twinkeling in zijn ogen spreekt boekdelen: natuurijs én strijd tegen de elementen, dat is waar een marathonschaatser als Van de Pol voor leeft.

Lees verder En weer geen Elfstedentocht

Zes tips om compact spelen jouw wapen te maken!

Wimbledon 2010: Mahut en Isner spelen een marathonpartij. (By Tim Schofield [CC BY 2.0], via Wikimedia Commons)
Tennis je? En doe je mee aan de komende voorjaarscompetitie? Dan zul je voor het eerst in aanraking komen met ‘compact spelen’. De KNLTB geeft deze competitie de thuisspelende vereniging namelijk de keus om teams volledige wedstrijden te laten spelen of om over te gaan op compact spelen. Omdat ik wilde weten wat de gevolgen van compact spelen op het tennisspel zijn én hoe je hier als competitiespeler het beste mee om kunt gaan, sprak ik met een sportpsycholoog en een tennisstatisticus en schreef het volgende achtergrondartikel.

Hieronder heb ik wat informatie voor je uit het artikel gelicht en geef zes tips die ervoor zorgen dat je goed voorbereid op de baan staat. Doe er je voordeel mee!

Lees verder Zes tips om compact spelen jouw wapen te maken!

De nieuwe tennistelling: een gamechanger?

Wimbledon 2010: Mahut en Isner spelen een marathonpartij. (By Tim Schofield [CC BY 2.0], via Wikimedia Commons)
Elf uur en vijf minuten duurde de tenniswedstrijd tussen John Isner en Nicolas Mahut op Wimbledon in 2010. Zo bont maken de tennissers het tijdens de competitie in ons land niet, maar de wedstrijden mogen wel wat korter vindt de tennisbond. Zij introduceert daarom dit voorjaar een aangepaste tennistelling. Wat zijn de gevolgen?  

“Radicaal”, noemt Yoran Verschoor het besluit van de bond. Verschoor is sportpsycholoog en tenniscoach, en speelt mee in de heren eredivisiecompetitie. “Deze telling geeft een nieuwe dimensie aan de sport. Als psycholoog vind ik de aanpassing uitdagend omdat het voor extra spanning zorgt en aanspraak doet op de mentale veerkracht van een speler. Maar als categorie twee tennisser ben ik minder enthousiast omdat het met name het fysieke karakter van tennis inperkt. Eén van de charmes van de sport is de lange derde set waar het op vechtlust aan komt, die gaat nu verdwijnen.”

Lees verder op Blendle

D-Day voor Dalto

De eerste play-off wedstrijd van Dalto 1 tegen KCC eindigde in een pijnlijke nederlaag voor de Driebergenaren. Winst is daarom het enige dat komende zaterdag telt voor het team van coach Jorrit Bergsma. Hoe bereidt hij zich voor? Voor de Stichtse Courant nam ik een kijkje bij Bergsma thuis.

Maandagochtend 10 uur, een mooie lentedag dient zich aan. We nemen een kijkje in de woonkamer van huize Bergsma in Driebergen. Vader Jorrit zit fris en monter aan de eettafel. Een laptop staat opengeklapt voor hem, beelden van de eerste play-off wedstrijd van ‘zijn’ Dalto tegen KCC uit Capelle van afgelopen zaterdag schieten op het scherm voorbij. Een stukje verderop, midden op de grote bank, zit zijn jongste zoontje Guus ineengedoken met een iPad op zijn schoot. Kleurige poppetjes, begeleid door een opwekkend deuntje, schieten op zijn scherm voorbij. Het is papadag voor Jorrit: zijn vrouw is aan het werk, oudste zoon Jens is naar school.

Lees verder D-Day voor Dalto

Zuinig op zijn lichaam

10 kilometer in 36 minuten en een beetje: voor menig 60-jarige een serieuze uitdaging om dit op de fiets te halen, maar Doornaar Aart Stigter doet het gewoon nog hardlopend. Hoe houdt hij het zo lang vol? Lees hier het artikel dat ik schreef voor de Stichtse Courant.

Het lichaam goed onderhouden, een regelmatig leven leiden, op tijd je rust nemen, gedisciplineerd trainen, je niet inlaten met randzaken, efficiënt met je tijd omgaan…deze verklaringen komen voorbij wanneer Aart Stigter gevraagd wordt naar het geheim van zijn lange loopcarrière. Het is duidelijk dat de nog altijd opzienbarende hardloopprestaties de 60-jarige inwoner van Doorn niet zomaar komen aanwaaien. Niet voor niks is er een gigantisch contrast tussen de boeken van Thomas Dekker en Stigter, die beiden vorig jaar rond dezelfde periode uitkwamen. In ‘Hardlopen, mijn leven’ derhalve geen smeuïge verhalen over dopingmisbruik of seksuele escapades, maar wel mooie mijmeringen en anekdotes van Stigter over zijn hardloopcarrière.

Lees verder in de Stichtse Courant

 

Topsporters: sneller, hoger, sterker…en ouder?

Robert Marchand, de houder van het werelduurrecord op de fiets bij de honderdplussers (Geoffrey Franklin / Walnut Studiolo, CC BY 2.0)

Roger Federer die op zijn 35e de Australian Open wint, Carien Kleibeuker die op haar 38e de Nederlandse concurrentie op de 5 km achter zich schaatst, een Egyptische keeper van 44 in de finale van de Africa Cup: op menig topsporter lijkt bij het verstrijken van de jaren geen sleet te komen. Worden topsporters steeds ouder en tot welke leeftijd kunnen ze blijven presteren?  

4 januari jongstleden ondernam Robert Marchand op de wielerbaan van Saint-Quentin-en-Yvelines een poging zijn eigen werelduurrecord van drie jaar eerder te verbeteren. De Fransman slaagde er niet in: hij kwam zo’n vier en een halve kilometer tekort. Zwaar teleurgesteld was Marchand niet. Hij had eigenlijk al ingeschat dat de ouderdom hem dit keer in de weg zou zitten, zo bleek uit zijn woorden voorafgaand aan de race. “Ik ben hier niet om kampioen te worden. Ik ben hier om te bewijzen dat iemand van 105 jaar nog steeds hard kan fietsen.”

Het werelduurrecord bij de honderdplussers zat er voor Marchand dit keer niet in, maar de 22 en een halve kilometer die hij in het uur aflegde is nog steeds een afstand waar menig ongetrainde twintigjarige niet aan kan tippen. Marchand is geen uitzondering. Want in het licht van het toenemende aantal honderdplussers, een half miljoen wereldwijd volgens de laatste schatting van de Verenigde Naties, zijn er de laatste jaren meer krasse knarren die opvallende sportprestaties leveren. Waaronder Fauja ‘Tulband Tornado’ Singh, een 105-jarige Brit met Indiase roots, die nog marathons loopt. En wat te denken van de Amerikaan Donald Pellman die anderhalf jaar geleden in San Diego vijf atletiek records in de honderdplus categorie verbrak, waaronder die van de 100 meter sprint?

Lees verder op Reporters Online

 

Afscheid van de schans

Traditiegetrouw luidt op 1 januari het ‘Neujahrspringen’ in Garmisch-Partenkirchen het nieuwe sportjaar in. Het is de enige skispringwedstrijd die live wordt uitgezonden op de Nederlandse televisie en de tweede wedstrijd van de befaamde vierschansentournee. Het is pas één Nederlander ooit gelukt om aan deze ‘hoogmis’ van het schansspringen mee te doen: Jeroen Nikkel was er 15 jaar geleden bij. Nikkel hoeft voorlopig niet te vrezen dat hij zijn unieke prestatie met een landgenoot hoeft te delen. Nederlands laatste skispringer Lars Antonissen zette vorige week een streep onder zijn carrière.

“Ik heb nooit in Garmisch gesprongen, nee.  Dat vind ik wel ontzettend jammer. Het stond afgelopen twee jaar op de planning maar kwam er toch niet van omdat ik op dat moment niet goed genoeg was. Ik zou niet door de kwalificatie komen en dan is het zonde om er heen te gaan.” Lars Antonissen, halflang bruin haar en een hipsterbaardje, legt aan de keukentafel van zijn ouderlijk huis in Driebergen uit dat meedoen aan een wereldbekerwedstrijd veel geld kost voor een schansspringer uit de subtop. “Zolang je nog geen punten hebt gehaald in het World Cup circuit, moet je bijvoorbeeld zelf je hotel betalen. Dat moet van de organisatie wel een officieel World Cup hotel zijn en die zijn erg prijzig. Als je dan al van te voren weet dat je de kwalificatie niet haalt en dus zeker ook geen punten, dan is de beslissing snel gemaakt.”

Lees verder op  Reporters Online