Knallen op de N225

Afgelopen weekend vormde de Utrechtse Heuvelrug het strijdtoneel van de 61e Ronde van Midden-Nederland. Met in het peloton de Amerongers Olaf Oussoren en Martin van de Pol. Voor een reportage in de Stichtse Courant reed ik tijdens de ploegentijdrit met ze mee. In een volgauto welteverstaan.

Na tien minuten treuzelen op het podium klinkt dan eindelijk om drie uur precies het verlossende woord van de starter. De acht renners van de Volharding mogen vertrekken. In een mum van tijd formeert een blauw-wit-rood treintje zich op de Leersumsestraatweg. Vooraan fietst Olaf Oussoren. De inwoner van Amerongen heeft als taak om zijn team op gang te brengen zonder te hard van stapel te gaan. Want te snel starten, dat is bij een rit tegen de klok de valkuil van menig renner, weet hij. Goed doseren, dat is de crux.

Pyramide

Een paar uur eerder heeft Oussoren van zijn ploegleider Theo Wennekes te horen gekregen dat hij tijdens de tijdrit als wegkapitein gaat fungeren. Als even later het Utrechtse team de benen heeft losgereden en het parcours verkend, weet Oussoren in welke volgorde precies de acht van start gaan. Hij zelf vertrekt als eerste; achter hem gaat het erom dat renners elkaar zo efficiënt mogelijk uit de wind houden.

Vanuit de ploegleiderswagen ziet Wennekes tevreden dat de Volharding-trein er aerodynamisch nagenoeg perfect uitziet. In een pyramidevorm dus, met de grootste renner in het midden en naar voren en achteren geleidelijk in lengte aflopend. Behendig stuurt hij zijn auto met gezwinde snelheid de eerste haakse bocht naar links door. Van Wennekes had deze ploegentijdrit eerlijk gezegd niet gehoeven. Natuurlijk, ook hij vindt het een spectaculaire discipline die het publiek veel kijkplezier geeft maar Wennekes vindt hem te bepalend voor de einduitslag van de Ronde. Het team dat vandaag de ploegentijdrit wint, gaat morgen de etappe van 200 kilometer controleren waardoor een vroege vlucht bijna onmogelijk wordt. En van die vroege vlucht, daar moet zijn team het bij gebrek aan sprintkanonnen juist van hebben. Ook in de ploegentijdrit acht hij zijn ploeg met louter amateurs kansloos tegen de professionele teams die later vanmiddag van start gaan. Zijn renners er speciaal voor laten trainen, dat heeft Wennekes dan ook niet gedaan. Het kon ook niet want de Volharding hoorde op het laatste moment pas dat ze aan de Ronde mochten meedoen.

Druppelhelm

Met bijna 60 kilometer per uur op de teller ziet Wennekes dat Oussoren bij het passeren van de voetbalvelden van DEV naar de laatste positie in het treintje afzakt en naadloos aansluit bij de renner voor hem. Met zijn rode druppelhelm en tijdritfiets met dicht achterwiel ziet Oussoren er profi uit, maar een paar andere teamleden lijken zich niet anders op de tijdrit voorbereid te hebben dan op een gewone koers. Ook de eendracht in fiets en helm is ver te zoeken bij het team van de Volharding. Het steekt schril af tegen de latere winnaars van het Engelse One Pro Cycling die allemaal op eenzelfde aerodynamische tijdritfiets rijden en dito helm op hun hoofd hebben. Wennekes zegt het niet zoveel want een wielrenner rijdt het liefste toch op zijn eigen merk fiets weet hij uit eigen ervaring.

Op de Gooyerdijk dendert de Volharding-trein nog steeds en groupe voort. Op kop nu Martin van de Pol. Helemaal gerust op een goede prestatie is de Ameronger vanwege de naweeën van een buikgriep niet, maar daar is vooralsnog weinig van te merken. Het tempo van de acht blijft onverminderd boven de 50 kilometer per uur uitstijgen. Aan het begin van Leersum draait het team de N225 richting Doorn op, een lange rechte brede weg ligt voor de renners in het verschiet. Ideaal om te knallen dus. Dat doen ze ook want met een gemiddelde van bijna 51 in het uur passeert het achttal voor de eerste keer de finishlijn. Team Volharding is op de helft.

Raderwerk

Maar al snel daarna gaat de dusver zo goed geoliede machine haperingen vertonen. Het goed afgestelde raderwerk uit de eerste ronde blijkt in het tweede gedeelte toch een paar zwakke schakels te bevatten. Wennekes draait zijn raampje open en schreeuwt zijn renners vooruit. Helpen doet het weinig. De Volharding-trein dreigt bijna te ontsporen maar komt uiteindelijk met drie wagonnetjes minder en een minuut vertraging binnen. Met een gemiddelde van net onder de 50 kilometer per uur fietsen Oussoren en Van de Pol met drie andere teamgenoten onder het finishdoek door.

Omdat de Volharding als eerste van start is gegaan, mogen de vijf wel nog eventjes in de hot seat genieten van de eerste plek. Maar wanneer na minder dan drie minuten de als tweede gestarte ploeg de finishlijn passeert, kunnen de renners de luie stoel weer verlaten. Aan het eind van de middag, na het opmaken van het klassement, staat de Volharding op de 22e en tevens laatste plek. Wennekes en de renners zijn dan allang thuis. Morgen wacht de wegwedstrijd over 200 kilometer. Met hopelijk een vroege ontsnapping.

 

Een gedachte over “Knallen op de N225

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *