Tagarchief: corticosteroïden

Chris Froome wetenschappelijk ontleed

Chris Froome, wat maakt hem de topfavoriet voor de Tour? (Aangepaste foto van youkeys (Tour de France 2016 Stage 21 Paris Champs-Elysées) [CC BY 2.0], via Wikimedia Commons)
Chris Froome is topfavoriet voor de eindzege in de komende Tour. Is de Brit fysiologisch zo uitzonderlijk? Spelen de ovalen voorbladen op zijn fiets, zijn hoge beentempo, de ketonendrank of andere innovatieve ‘trucs’ een rol bij zijn prestaties? Laten we ‘Froomey’ eens langs de wetenschappelijke lat leggen.

De Tour lag al 22 dagen achter hem. En over 5 dagen pas zou de Vuelta van start gaan. Toch moest Chris Froome ook nu weer diep gaan. Zonder een meter vooruit te komen, fietste de Brit zich het snot voor de ogen. Om precies te zijn: hij fietste het snot in het blauwe masker dat over zijn neus en mond was getrokken. Vanuit het masker liepen slangetjes naar een apparaat dat zijn ademhalingsgassen analyseerde. Schuin voor hem stond een computerscherm waarop allerhande grafiekjes en getallen in kekke kleurtjes zijn lichaamstemperatuur, zijn hartslag en andere variabelen weergaven. Froome was bezig met een fietstest in het inspanningslaboratorium van GlaxoSmithKline in west-Londen. Het was midden augustus 2015.

Lees verder op Reporters Online

Glucocorticoïden in het wielerpeloton

Bradley Wiggins in het geel tijdens de Tour van 2012 (By Denismenchov08 [CC BY-SA 3.0], via Wikimedia Commons)
Glucocorticoïden en wielrennen, ze zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Wielrenners roemen de positieve effecten van de middelen, maar wordt dat ondersteund door wetenschappelijk bewijs? Horen glucocorticoïden wel op de dopinglijst? De meningen zijn verdeeld blijkt uit het achtergrondverhaal dat ik schreef voor Endocrinologie, het tijdschrift van de Nederlandse Vereniging voor Endocrinologie.

Eind december 2016 nam Bradley Wiggins afscheid als beroepswielrenner. Ondanks zijn fraaie palmares – Wiggins won de Tour de France in 2012 en in totaal vijf Olympische gouden medailles – kwam de Brit ook met een nare bijsmaak aan het einde van zijn carrière. Wiggins had namelijk tot drie keer toe net vóór een belangrijke ronde een medisch attest gekregen voor een intramusculaire injectie van het corticosteroïd triamcinolonacetonide, zo bleek uit de gegevens die het hackersoffensief Fancy Bears uit de database van het wereldantidopingagentschap WADA had opgediept. Een paardenmiddel dat zeker de prestatie bevorderde, stelde menige oud-renner. Of zoals dopingzondaar Michael Rasmussen het verwoordde: “Het is een middel dat een renner zou gebruiken die goed wil presteren in een grote ronde. Iets wat ik zou hebben gedaan.”

Lees verder Glucocorticoïden in het wielerpeloton